De Ommekeer laatste deel de epiloog

De Ommekeer laatste deel de epiloog

Bettie en Peter koppelen, in de boerderij, hun caravan achter de auto. Greta, de geit, hebben ze naar de buurman gebracht, waar de stier Bram nog steeds ‘werkt’. Ze vertrekken naar een kasteel waar zijn huisbaas woont, om de veertiende jullie te vieren.

“Opa, opa, opa!” roept de twee jaar oude Zoë terwijl ze op haar korte beentjes naar Theo toe rent, die zijn eigen naam op aanraden van Debby, weer heeft aangenomen. Theo pakt haar op.
“Wat is er kleine druktemaker?”
“Chien wil niet wakker worden.”
“Hoe weet je dat?”
“Ik ging met hem spelen.”
Verder vragen heeft geen zin, weet Theo.
“We gaan samen bij hem kijken.”
Met haar handje om zijn duim geklemd gaan ze naar het buitenhok, waar Chien de laatste tijd het liefste slaapt. Ondanks zijn bijna achttien jaar is hij overdag nog redelijk fit, maar ’s nachts prefereert hij de rust van zijn hol, zoals iedereen het noemt. Net als vorig jaar zijn alle familie en vrienden bij elkaar om quatorze julliet en de verjaardag van Theo te vieren. Alle kamers in het kasteel, het vakantiehuis en Theo’s huisje zijn bezet. In de grote schuur slapen de tweelingbroers van Joke en Brian. Lola, is erg gecharmeerd van de jongens en slaapt daar ook.
Theo ziet direct dat Chien in zijn slaap overleden is, want hij ligt gestrekt in zijn favoriete houding op zijn nest van dennennaalden en stukjes konijnenbont.
“Wil jij hem wakker maken, opa?”
“Dat kan niet meer, want hij is naar de hondenhemel gegaan.”
“Is dat eng?”
“Nee hoor, daar is hij heel blij. Daar zijn allemaal hondjes waar hij mee kan spelen.”
“O! Dan is het goed.”
Ze rent naar haar moeder om het grote nieuws over haar onafscheidelijke hondenvriend te vertellen. Even later staan ze allemaal in een kring om het hok van Chien. De vreugde over het mooie leven en de vredige dood van Chien, overtreft het verdriet.

De volgende morgen gaat een lange processie vanaf het kasteel naar de kersenboom, het symbool van de liefde tussen Nina en Theo. Theo draagt Chien, Nina een bordje dat Theo heeft gemaakt met de tekst: “Chien, mijn redder en de brenger van ongekend geluk voor ons, bedankt. Nina en Theo.”
Charles draagt een hamer en Corinne een antieke spijker uit de grote schuur.  Theo heeft de avond tevoren, bij de kersenboom, het graf van Chien gegraven en zijn bed erin gelegd. Hij plaatst het broze lichaam van Chien op zijn bed. Voorzichtig gooiden Nina en Theo het graf dicht. Lola heeft de eer om het bordje op de kersenboom vast te zetten.
“Bram, vang jij de volgende groep voor de mind oefening op. Ze slapen in het kasteel. Brian neemt alle oudjes mee.”
“Komt goed, Debby.

Wil je de eerste van je vrienden zijn die dit deelt?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *