De tweeling deel 18

De tweeling deel 18

Karin en Dennis
Hoofdstuk 39

Karin komt de volgende avond, blazend en mopperend de kamer binnen.
“Wat een kutzooi, niks is in orde.”
Daar is het ‘eisenwijze’ duiveltje van opa, denkt Dennis. Om het niet uit de hand te laten lopen zegt hij het niet. Dat kan ik straks lekker doen, neemt hij zich voor.
“Gooi alles er maar uit gekwetste ziel.”
“Woensdagavond is de opening en er moet nog véél te veel gebeuren.”
“Kan ik je ergens mee helpen?”
“Dat kan je inderdaad. Reorganiseer die bende daar.”
“Ze zien me daar aankomen.”
“Ja graag, ze hebben het mij gevraagd omdat de eigenaar ziek ik. Ik kon ze niets beloven omdat ik niet weet hoe druk je het hebt.”
“Hoe weten zij dat ik dat zou kunnen?”
“Snap je nu hé-lé-máál niks, dat heb ik ze verteld natúúrlijk.”
“Dan ga ik morgenochtend met je mee nijdas, ik heb deze week geen opdrachten. Wat betaalt het?”
“Grappenmaker, een gratis vakantie in Frankrijk. Daar moeten we het nog over hebben. Komen jullie of weten jullie het nog niet?”
”Wij komen of Lola en Ramon meekomen weet ik nog niet.”
“Chantal, wat doe jij?”
“Ik kom met eigen vervoer, kan ik gaan waar ik wil.”
“Briljant idee.”
De tentoonstelling is een groot succes.

De ouders van Ramon vinden het een prima plan dat ze naar Frankrijk gaan. Zij gaan met het vliegtuig op vakantie.
“Neem onze auto maar, kan je lekker wat rijervaring opdoen.”
De vader van Lola reageert zoals ze verwacht, onverschillig.
“Doe maar waar je zin in hebt, dat doe je toch wel. Ik zal me wel alleen moeten redden.”
Op deze manier probeert hij haar emotioneel te chanteren. Het doet haar pijn, ze heeft haar vader altijd geholpen en gesteund.
“Ik vind het gemeen wat je doet. Ik heb ook recht op een eigen leven. Ik snap dat je het moeilijk hebt nu mama dood is, maar kom van die bank af en maak wat van je leven.”
Boos loopt ze de deur uit en gaat naar Dennis om te vertellen wat haar vader gezegd heeft.
“Je vader is verantwoordelijk voor zijn eigen leven. Is hij hulpbehoevend of kan hij zichzelf redden?”
“Hij kan zichzelf best redden.”
“Wat doe je dan?”
“Ik ga mee. Het is toch nooit goed genoeg wat ik voor hem doe.”
“Je hebt gelijk.”
De vader van Lola zegt, drie dagen later, tegen haar: “Ik heb nagedacht over wat je heb gezegd over mijn leven en je hebt gelijk, ik ga voor een maand naar Paramaribo en misschien ga ik daar wel wonen. Daar heb ik familie en hier, buiten jou natuurlijk, niemand.”
“Pap, wat leuk voor je.”

“Dennis, mijn vader gaat naar Paramaribo.”
“Dat lijkt op de titel van een liedje.”
Na een vette knuffel, gaat ze naar Ramon om haar grote nieuws te vertellen.

In een kolonne van vier auto’s vertrekken ze om vier uur ’s morgens richting de eerste stop, het kasteel. Lola heeft Bettie en Bruno regelmatig gezien en dat heeft indruk op haar gemaakt. Ze bedenkt een manier om Ramon te plagen.
“We gaan eerst naar het kasteel. Daar moeten we zo snel mogelijk weg, want de moeder van Dennis is een lelijke, onsympathieke, dikke vrouw.”
“Dat kan ik mij niet voorstellen.”
“Dat snap ik.”

Bruno staat ze bij het privé parkeerterrein op te wachten.
“Hebben jullie nog nooit van carpoolen gehoord,” is het commentaar van Bruno.
Ze lopen om het kasteel naar de voorkant. Alle denkbare superlatieven over de schoonheid van het gebouw vliegen over de camping. Bettie komt ze tegemoet lopen.
“Wat the fuck Lola, wat ben jij een gemene bitch. Dat is een milf.”
“En hij een filf.”
“Huh, wat betekend dat?”
“A father i like to fuck.”
“Aha, ik snap hem.”
Het onder de indruk zijn is wederzijds bij Bettie en Bruno.
“Zo, zo, kleine meisjes worden groot, hoewel dat bij jou niet helemaal op gaat Lola, en wie is die knappe jongen?”
“Mijn vriendje.”
“Jullie zijn een pracht koppel.”
“Jullie ook Bettie.”
“En een heer hoor ik.”
“Phoe, wacht maar tot je hem beter leert kennen.”
“Willen jullie wat drinken?”
“Graag, ik ben helemaal uitgedroogd in die auto.”
Simone wordt voorgesteld. De laatste nieuwtjes worden uitgewisseld en veel flauwekul verkocht. Bettie en Bruno nodigen Lola, Chantal en Ramon uit voor een rondleiding over de camping.
“Hierachter is het naturisten gedeelte en daar mag je niet gekleed heen.”
“Dan kleed ik me toch uit.”
“Dat doen we dus niet Lola. Kom, we gaan eten.”
Lola en Ramon worden uitgenodigd voor een voor een etentje, later die week.
“Kunnen we jullie het kasteel laten zien.”

Na het eten op de camping, gaat het gezelschap naar de boerderij van Karin.
“Wat heb jij nou weer voor krankzinnigs staan?”
“Dat is mijn schildwacht hokje. Ik heb het op marktplaats gevonden. Kijk, er zit een monitor in, die is aangesloten op een camera boven de poort. Binnen staat ook een monitor.”
“Ik ben onder de indruk van mijn slimme zusje.”
“Mag ik me hier dan wél uitkleden?” vraagt Lola.
In het zwembad wordt gestoeid en geknuffeld. Wanneer ze voldoende zijn afgekoeld, beginnen ze aan hapjes en wijn.
Om tien uur ligt iedereen, vermoeid van de reis, te slapen.

De volgende morgen worden ze wakker van een hels kabaal. Twee enorme trekkers, komen de oprit oprijden. Achter de trekkers hangt een bak en een takkenversnipperaar. De rij voortuigen wordt afgesloten door een kraan met een grijper en een kettingzaag.
“Wat is dat Karin?” vraagt Chantal.
“Dat is waar ook, ze komen vandaag de grote schuur vrijmaken.”
“Welke is dat?”
“O ja, dat weet jij natuurlijk niet. Het is de schuur aan het eind van het erf. Kom op, snel douchen dan gaan we kijken.”
Dennis komt de slaapkamer binnen stormen.
“Weet jij wat er gebeurt?”
“Moet jij niet eerst kloppen voor je mijn slaapkamer binnen komt.”
“Sorry, je had natuurlijk bloot kunnen zijn en daar schaam jij je voor.”
“Zo is dat. Ze komen de grote schuur vrij maken. Zet jij thee en maak ontbijt, dan gaan wij kijken.”
“Fuck you.”
“Alles op zijn tijd. We gaan kijken en dan zal ik je vertellen waarom, Dennis.”
“Gaat er ook iets met de schuur zelf gebeuren?”
“Jazeker, het is een idee van Jean. Het wordt onder andere een garage voor mijn auto.”
“Menig garagebedrijf zal jaloers zijn op die ruimte,” merkt Chantal op.
Na een haastig ontbijt gaan ze buiten kijken. De snelheid waarmee het struikgewas en de in de weg staande bomen worden geruimd is fenomenaal. Om twaalf uur is bijna alles weg. Karin nodigt de mannen uit voor de lunch. De vrouwen zijn onder de indruk van de jongste tuinman. Ze maken in het Nederlands opmerkingen als: “Lekker ding Chantal is dat wat voor vanavond? ” “Dat wil ik wel, maar hij moet wel eerst schoongemaakt worden.”
“Zal die baard lekker kriebelen op ons doosje?”
“Gelukkig is hij niet zo zwaar als onze reuzen, hij mag wel on top.”
“Mannen hebben de naam oversekst te zijn, jullie zijn het.”
“Je bent gewoon jaloers Dennis.”
Niemand heeft in de gaten dat de jongen moeite heeft zijn lachen te houden.
Tot dan toe wordt er uitsluitend in het Frans met de mannen gesproken. De krullenbol zegt nu in perfect Nederlands: “Zal ik eerst douchen en dan schoon terugkomen.”
De tranen van het lachen loopt over hun wangen.
“Hoe kom jij hier terecht?” wil Karin weten als ze uitgelachen zijn.
“Mijn ouders hebben een B&B hier in de buurt.”
“Onze ouders een camping.”
“Dat weet ik, wij hebben aan jullie tuin gewerkt.”
“Verrek, nu zie ik het, jij bent die krullenbol. Toen had je geen baard. ”
Ze praten over wat ze bezighoudt, tot het tijd wordt om weer aan het werk te gaan.
Met de woorden: “Tot vanavond, je mag hier douchen,” nodigt Iris de jongen uit.
“Wat bedoel je?” vraagt de tuinman.
“Wij hebben gezegd dat we wat met je zouden willen als je schoon bent. Tot vanavond.”
De volgende dag gaat, na het ontbijt, de tuinman weg een ervaring rijker waar hij de rest van zijn leven plezier van zal hebben.

Wil je de eerste van je vrienden zijn die dit deelt?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *