De tweeling deel 19

De tweeling deel 19

Anton
Hoofdstuk 40

Anton groeit op tussen de feesten en partijen. Na de lagere school gaat hij naar de ulo.
Daar blinkt hij uit door zijn ijver en methodische manier van werken. In de laatste klas van de ulo komt de politie op wervingsbezoek. Direct is Anton gegrepen door het verhaal van de voorlichter. Enthousiast rent hij na school het café binnen.
“Mam, pap, ik ga bij de politie.”
Zijn moeder kijkt geschrokken naar Piet. Automatisch moet ze terugdenken aan Herman, die na de oorlog niet meer terug gekeerd is en daarom doodverklaard. Met een blik van verstandhouding tussen Sara en Piet wordt afgesproken dat ze Anton de waarheid over zijn vader gaan vertellen. Piet neemt het woord.
“Ga even zitten, Anton.”
Anton gaat zonder te protesteren zitten, want de toon van Piets stem is erg plechtig.
“We hebben gewacht met je dit te vertellen tot je oud genoeg bent om het te kunnen begrijpen.”
Piet pauzeert even en wrijft over zijn hoofd om zijn gedachten te ordenen. Anton kijkt naar zijn moeder, maar die kijkt niet terug.
“Er is geen manier om dit voorzichtig te vertellen, dus dat doe ik dan ook niet. Anton, ik ben niet je biologische vader.”
Anton kijkt naar Piet of hij gek geworden is.
“Wa, wa, wat bedoel je?”
“Dat ik je echte vader niet ben.”
“Maar, dat kan helemaal niet.”
“Dat kan wel en dat is ook zo.”
Anton heeft zijn gedachten weer onder controle en stelt de voor de hand liggende vraag.
“Wie is dan mijn vader?”
“Je vader is nooit uit de oorlog naar huis gekomen.”
“Was hij soldaat of zat hij in de ondergrondse of zo?”
Piet zucht diep en denkt erover Anton het nieuws dat hij tot nu toe heeft verteld, eerst te laten verwerken voor hij de rest vertelt. Hij kan ook liegen over zijn vader overweegt hij, als Anton uit gaat zoeken wie en vooral wat zijn vader is geweest, zou dat het alleen maar erger voor hem maken.
“Je vader was in het begin van de oorlog politieagent en bij de NSB, de laatste jaren van de oorlog is hij lid geworden van de Gestapo en naar Frankrijk overgeplaatst. Je moeder was het helemaal niet met hem eens, helaas kon ze er niets tegen doen.”
“Dan heb ik het met jou beter getroffen dan met mijn echte vader.”
Sara wil geen huilbui krijgen met Anton in de buurt. Ze biedt aan om koffie te halen. Het geeft Anton de gelegenheid iets aan Piet te vragen zonder waar zijn moeder niet bij is.
“Ik snap iets niet.”
“Wat snap je niet?”
“Mijn moeder was het niet met hem eens. Waarom heeft ze dan toch met hem, je weet wel?”
Ondanks de ernst van het gesprek, moet Piet glimlachen om zijn opmerking.
“Dat moet je aan de dominee vragen. Het is haar huwelijksplicht om met je vader te vrijen. Zo ging dat in die tijd. Ze was ook doodsbang voor hem, want ze had een keer iets gezegd van zijn NSB-gedrag en prompt kreeg ze klappen.”
“Nu snap ik waarom jullie niet blij zijn dat ik bij de politie wil.”
“Als jij dat wil, ga je bij de politie.”
“Dank je, ouwe.”
En groter compliment, kan Anton zijn stiefvader niet geven.

Anton gaat na de Mulo op de politieopleiding. Daar valt hij ook op door zijn ijver en zijn systematische manier van werken. Hij wordt gestationeerd bij het beruchte bureau Warmoesstraat in Amsterdam. In zijn schaarse vrije tijd studeert hij door. Het rauwe leven op het bureau heeft zijn mooie kanten, maar ook zijn nadelen. De stijgende agressie op straat zorgt voor veel stress en stompt hem ook af. Na vier jaar studeren en werken solliciteert hij bij de recherche en wordt aangenomen. Hij werkt zich op tot inspecteur. Door zijn angst om op zijn vader te gaan lijken en zijn drukke werk, begint hij niet aan een relatie.

Karin, Dennis en Jean
Hoofdstuk 41

Jean arriveert bij de boerderij, om de werkzaamheden aan de toekomstige garage te coördineren. Als eerste maken Dennis en Jean de deur aan de weg kant vrij. De balken die de deur barricaderen halen ze weg. Krakend in de roestige scharnieren gaan de deuren open.
“Een druppeltje olie doet wonderen,” merkt Dennis op.
Nu er licht binnenkomt kunnen ze goed zien wat er in de ruimte staat. Het zijn oude in goede staat verkerende landbouwmachines, waaronder een trekker. Ze lopen terug naar de andere kant van de schuur waar de derde ruimte is. Deze is net zo donker als de tweede ruimte. Ook hier is een grote poort die ze openmaken. In de middelste kamer staat een ladder om op de zolder boven de kamers te kunnen komen. Dennis kijkt vluchtig in de lege ruimte. De andere kamer ziet er heel anders uit. Er is een vaste trap naar boven. Het staat er vol met oud meubilair zoals kasten en eethoeken. Karin en de rest van tijdelijke bewoners komen binnen en alle ruimtes worden minutieus bekeken. De zolderkamer met het oude meubilair maakt de meeste indruk. Iris maakt foto’s van de kijkers en het gebouw. Als laatste beginnen ze aan de ruimte met stro, die in de brief van de oude man staat beschreven.
De ketting wordt verwijderd om het stro te kunnen weg halen. Een grote container wordt voor de deur gezet, ze beginnen de balen daarin te doen.
“Wat is dit Jean?”
“Het lijkt wel een hol.”
“Hier heeft iemand gewoond. Een deken en een kooktoestel.”
“Waarschijnlijk een speelplek van de kinderen.”
Ze gaan verder tot de bumper van een citroen tevoorschijn komt.
“Wat moet die hier!” roept Jean verbaasd.
“Een klassieker is het in ieder geval.”
Voorzichtig halen ze de balen van de auto af.
“Hij is helemaal in topconditie. Zullen we hem voorzichtig weg halen Jean?”
Duwen heeft geen zin vanwege de vier platte banden. Ze verplaatsen de container om de auto eruit te kunnen halen. Ze bevestigen een touw aan de vooras, met de auto van Karin trekken ze hem voorzichtig naar voren. Ze plaatsen hem bij de trekker en de andere landbouwmachines. Ze gaan verder met het weghalen van de balen tot er weer een bumper tevoorschijn komt. Deze bumper heeft de kleur van het leger.
“Wat denk jij Dennis?”
“Het kan de auto van de Duitse soldaten zijn uit de brief van de oude man zijn. Hij had al geschreven dat hij twijfelde over de uitleg van zijn vader. We halen hem voorzichtig tevoorschijn en kijken of het een Duitse auto is.”
Nog voorzichtiger dan bij de citroen, halen ze de balen weg tot er een raam tevoorschijn komt.
Dennis kijkt door het raam en geeft een gil.
“Jean! Er liggen lijken in. We moeten onmiddellijk stoppen en de politie waarschuwen.”
Ze schuiven de deuren dicht en bellen de politie. Binnen drie uur zijn er mensen van de politie, defensie en de gemeente aanwezig.
Dennis weet nu waar de kwade wind vandaan komt. Het terrein om de schuur wordt afgezet en niemand mag erbij komen. Met honden en agenten worden alle schuren en stallen onderzocht. Met een pomp van de brandweer wordt de gierput leeggepompt. Op de bodem komen de botten van Herman tevoorschijn. In overleg met de autoriteiten komen ze overeen dat zo lang het onderzoek bezig is, ze alleen via de hoofdpoort rechtstreeks naar het huis mogen gaan. Dennis belt naar zijn ouders om ze op de hoogte te brengen van de laatste ontwikkelingen.
“Lola en Ramon komen vanmiddag hierheen, ze kunnen bij ons blijven tot alles klaar is daar. Er komt morgen een caravan vrij, daar kunnen jullie eventueel in.”
“Houdt hem vrij, dan overleggen we wat we doen.”

Wil je de eerste van je vrienden zijn die dit deelt?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *