De tweeling deel 21

De tweeling deel 21

Karin en Dennis
Hoofdstuk 44

Na een dagje uit in Marseille, loopt Dennis richting het zwembad. Zonder waarschuwing vooraf krijgt hij het gevoel of iemand een emmer ijswater tegen zijn rug aan gooit. Hij denkt: de kwade wind is terug. Nog geen tien minuten later gaat zijn telefoon.
“Hallo Isabelle, wat kan ik voor je doen?”
“Dennis, de oude man is net overleden.”
Het geheim is openbaar en de schilderijen op zijn juiste plek, hij is bevrijd gestorven, denkt Dennis.

De volgende morgen wordt hij om zes uur wakker. Na een paar minuten overwegen om wel of niet weer te gaan slapen, neemt hij het besluit om op zoek te gaan naar de dikke eik. Hij kijkt naar Iris die nog slaapt. Hij fluistert in haar oor: ”Schatje.”
“Mmm,” kreunt ze.
“Ik ga een stukje wandelen en neem mijn telefoon mee.”
“Oké, kusje.”
Hij kust haar teder en stapt uit bed. Zo stil mogelijk trekt hij zijn onderbroek, joggingbroek en een T-shit aan. Beneden loopt hij naar de keuken om zijn schoenen aan te trekken. Tot zijn verassing zit Karin aan de tafel voor een kop thee.
“Moet je niet slapen zusje?”
“Wat nou! Moet jij niet slapen?”
“Nee, ik ga op zoek naar de dikke eik.”
“Huh, wat bedoel je daarmee?”
“Ik heb na aankoop van de boerderij een brief gekregen van de oude man. Tot nu toe heb ik hem aan niemand laten lezen. Nu hij dood is wil ik iets uit de brief onderzoeken. Wil je hem lezen?”
“Graag.”
Dennis leest de emoties van haar gezicht.
“Ik ga met je mee, als je dat goed vindt.”
“Prima.”
“Even een briefje neer leggen voor Chantal.”

Iris is na het vertrek van Dennis wakker gebleven. Ze vraagt zich af wat hij van plan is. Ze hoort na een paar minuten de voordeur open en dicht gaan. Dat heeft lang geduurd, denkt ze. Ze gaat uit bed en kijkt uit het raam het erf op. Daar ziet ze Dennis en Karin hand in hand naar de poort lopen. Snel gaat ze naar de slaapkamer van Karin en Chantal.
“Chantal, kijk uit het raam.”
Ondanks het plotselinge wakker worden, is Chantal direct scherp. Ze staan naast elkaar uit het raam te kijken naar het weglopende stel.
“Wat gaan ze doen?” vraagt Chantal.
“Dat weet ik niet. Dennis zegt tegen mij dat hij een stukje gaat wandelen.”
“Karin, kon niet slapen en is uit bed gegaan om mij te laten slapen.”
“Zullen we beneden kijken of we kunnen uitvogelen waarom ze samen weg gaan.”
“Dat is prima, ik ben er niet helemaal gerust op.”
“Ik ook niet.”
Op de keukentafel ligt de brief van de oude man. Samen lezen ze de inhoud, kijken elkaar aan en komen tot dezelfde conclusie.
“Die zijn op weg naar de dikke eik.”
“Wat een apart stel, vind je ook niet Chantal.”
“Ik vind het geweldig. Zoals ze net hand in hand lopen ontroerde mij heel erg.”
“Mij ook en dat wij daar onderdeel van zijn vind ik heel bijzonder.”
“Ik snap wat je bedoelt.”
“Zullen we weer naar bed gaan Chantal?”
“In jouw bed of het mijne?”
“In ons eigen bed, mafkees.”

Karin en Dennis lopen naar het voetpad in het bos.
“Het kan niet ver van dit pad af zijn, want de dikke eik is volgens de brief een bekend iets in die tijd.”
Ze lopen verder in de rust van het bos, waar alleen de vroegste vogels zich laten horen. Beiden hebben geen behoefte aan een gesprek. Aangepast aan de atmosfeer in het bos lopen ze zo stil mogelijk door. Het pad maakt een bocht. Voor ze de bocht omgaan zien ze drie herten over het pad lopen. Direct stoppen ze en staan doodstil te kijken. Ze kijken elkaar genietend aan. De herten hebben geen haast en slenteren verder, ze halen af en toe een paar bladeren van een struik en kauwen daarop. Karin en Dennis wachten tot ze uit het zicht zijn.
“Wat een schoonheden.”
“Prachtig,” beaamd Dennis.
Dan ziet hij hem.
“Kijk daar Karin, dat moet hem zijn.”
“Absoluut, zonder de herten waren we er voorbijgelopen.”
Ze lopen naar de boom toe die op een heuveltje in het bos staat. Dichterbij ziet Karin dat er in de boom met een mes iets gekerfd is. Dichterbij ziet ze de letters PT.
“Hier liggen ze Dennis, dat kan niet anders.”
Dennis slaat zijn arm om Karin heen en trekt haar tegen zich aan. Zo staan ze samen het drama te verwerken dat zich hier heeft afgespeeld. Ze weten dat diegene die hier begraven liggen, een plaats in de dorpsgemeenschap krijgen, ongeacht wat er met hun overblijfselen gebeurd.
“Morgen zullen we Isabelle de brief laten lezen en overleggen wat er moet gebeuren.”
“Kom op Dennis, we gaan naar de anderen toe.”
Met veel koffie worden de taaie restanten stokbrood van de vorige dag naar binnen gewerkt. Karin en Dennis vertellen enthousiast over hun tocht naar de dikke eik, waar de rol van de herten een belangrijk onderdeel van is. Ze bespreken de trieste inhoud van de brief. Dennis maakt een afspraak met Isabelle om de inhoud daarvan te bespreken.

Anton
Hoofdstuk 45

Piet, de stiefvader van Anton is de eerste die komt te overlijden. Hierdoor komt zijn biologische vader in zijn gedachten. Wat zal er met hem gebeurd zijn en waarom is hij niet naar huis gegaan, denkt hij. Met zijn moeder wil hij hier af en toe over praten, ze ontwijkt zijn vragen. Na haar overlijden haalt Anton het huis leeg. Op zolder vindt hij een stalen kistje waar brieven van zijn vader in zitten. Hij denkt: nu zal ik meer over mijn hem te weten komen.
Op chronologische volgorde begint hij de brieven te lezen. De laatste brief is niet geopend. Er staat alleen: “voor Sara,” op.
Vreemd, denkt Anton, waarom heeft ze hem niet geopend.
Hij opent de enveloppe, er zit een brief in en twee foto’s.

“Lieve Sara
Zoals ik je tijdens mijn verlof heb verteld, gaan we na de oorlog in de buurt van Montbrun-les-Bains wonen, in de boerderij op de foto. We kunnen dan de dieren nemen waar je zo gek op bent. Je vraagt je natuurlijk af waar ik dat van wil betalen. Op de andere foto zie je een kast waarin ik een schat heb verbogen, daar betalen we het van.
Groeten je Herman”

Peinzend kijkt hij naar de tekst en de foto’s, waar hij niets van begrijpt. Het niet terugkeren van zijn vader wordt er voor hem nog vreemder van. Als soldaat kan hij gesneuveld zijn, als medewerker van de Gestapo is die kans veel minder, denkt hij.
Hij legt de brief opzij. Af en toe leest hij hem en probeert de verborgen boodschap die in de brief moet zit, daar is hij van overtuigd, te ontcijferen. Op Internet probeert hij vergeefs te achterhalen wat er gebeurt kan zijn met zijn vader in Montbrun-les-Bains. Wanneer hij met pensioen gaat, neemt hij een radicaal besluit: ik verkoop hier alles en ga naar Montbrun-les-Bains die boerderij zoeken.
Hij boekt voor onbepaalde tijd, een stacaravan op een camping bij het dorp.

Wil je de eerste van je vrienden zijn die dit deelt?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *