Dokter R

Dokter R

Ik zit vanmiddag in het ziekenhuis. Dokter R, neemt mij mee naar de behandelkamer voor controle van mijn voet. Ze knijpt en voelt. Gelukkig is er niets gebroken. Ze vindt een kijkoperatie wel noodzakelijk. Hiervoor krijg ik een algehele verdoving. Ze plaatst de injectiespuit in mijn been en ik moet tot 10 tellen, wat voor mij een hele opgave is. Bij zeven, ben ik gelukkig al van de wereld want het getal dat daarna komt ben ik even kwijt. Van de operatie heb ik niets gevoeld. Na de ingreep wordt mijn voet en onderbeen deskundig door haar verbonden.
“Voorlopig niet mee lopen,” gebied zij.
Dit beloof ik haar. Nu wil ze mijn oren controleren. Met een lampje op haar hoofd, een zogenaamd haedlight, controleert ze mijn oren. Het linkeroor is niet in orde en moet geopereerd worden. Met een wasknijper wordt een stukje keukenrol aan mijn oor bevestigd tegen het kliederen. Met nog meer keukenrol krijg ik een soort mini kappersmantel om. De knijper begint na een tijdje enigszins pijnlijk te worden. Deze mag echter onder geen beding worden verwijderd. Na langdurig smeken, wordt de knijper vervangen door de punt van het velletje keukenpapier in mijn oor te proppen.

Nu moet ik weer onder narcose. De operatie duurt gelukkig niet lang. Met mijn been op een tafeltje en een rol keukenpapier om mijn nek moet ik zo zes weken blijven zitten. Gelukkig word ik gered door de tamtam, waarmee oma laat weten dat we moeten eten. Met twee, tot krukken gepromoveerde wandelstokken, strompel ik achter dokter R aan naar de woonkamer.
“Opa is een watje.”
“Waarom Roos?”
“Als er een knijper op zijn oor zit dan doet het zogenaamd pijn.”
“Mannen zijn kleinzielige stumpers.”

Wil je de eerste van je vrienden zijn die dit deelt?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *